Na mijn pauze in Laren ga ik weer op pad, richting Vorden. Het is de dertiende en laatste etappe van het eerste Pieterpadboekje, zo’n veertien kilometer. De mist van de ochtend is volledig verdwenen en heeft plaatsgemaakt voor zon en warmte. Het voelt alsof de dag zich alsnog van zijn beste kant laat zien.
Net buiten de bebouwde kom van Laren sla ik rechtsaf, zuidwaarts. Het eerste deel van de route biedt weinig vergezichten. De akkers, vaak vol met maïs, beperken het zicht. Toch heeft het iets rustgevends. Misschien komt het door de zondag, maar de landweggetjes zijn opvallend stil. Het is precies dat soort stilte waarin je gedachten vrij kunnen dwalen.
De route voert richting het Twentekanaal. Op de brug heb ik uitzicht in twee richtingen: in het oosten ligt Lochem, in het westen de brug bij Almen. Het water ligt er kalm bij, een strakke lijn in het landschap. Even later steek ik ook de Berkel over, waarna ik landgoed Veldhorst op loop. Een oud landgoed langs de rivier, met een landhuis, boerderijen en akkers, deels omgeven door productiebos.
Het pad slingert door dat bos, afgewisseld met open stukken, vennetjes en fietspaden. Uiteindelijk bereik ik landhuis Het Enzerinck. Daar neem ik nog even rust. Mijn knie begint te protesteren, een nasleep van een val tijdens de Nijmeegse Vierdaagse. Het is een duidelijk signaal om het rustig aan te doen.
Na de pauze ga ik weer verder. Na ongeveer een kilometer sta ik bij kasteel Den Bramel, gelegen tussen statige lanen die het geheel een bijna klassieke uitstraling geven. De route leidt me vervolgens via mooie lanen Vorden binnen.
Bij het station besluit ik mijn tocht voor vandaag te beëindigen. De laatste kilometer, naar kasteel Vorden, het officiële eindpunt van deze etappe, laat ik bewust liggen. Die bewaar ik voor de volgende keer, wanneer ik verder ga richting Zelhem. Zo sluit ik dit eerste deel van het Pieterpad af, met het vooruitzicht van wat nog komt. Op naar boekje twee.
















