10 oktober 2015
Ik begin aan het tweede deel van het Pieterpad, van Vorden naar Zelhem. Vanaf het station loop ik eerst naar kasteel Vorden, waar de route officieel verdergaat. Op het landgoed staat een monument voor Toos Goorhuis-Tjalsma en Bertje Jens, de bedenksters van het Pieterpad. Hier werd het pad in 1983 geopend, een plek die voelt als een nieuw begin binnen een groter geheel.
Niet veel later kom ik langs het Knopenlaantje, een bijzonder beukenlaantje waar geliefden takken aan elkaar knopen als symbool van hun verbondenheid. Het geeft de plek iets intiems, alsof al die kleine verhalen zich tussen de bomen hebben vastgezet.
Na een aantal rustige plattelandsweggetjes voert de route opnieuw een bosgebied in. Dit blijkt landgoed Het Zelle te zijn. Een lange, rechte laan leidt me linea recta naar huize ’t Zelle. Het is een statig gezicht, omgeven door groen dat zorgvuldig lijkt aangelegd en onderhouden.
Via het buurtschap Varssel, met zijn opvallende vijfsprong, verlaat ik het landgoed. De route blijft afwisselend en voert me na een paar kilometer het bosgebied Het Zand in. Ooit was dit een stuifzandgebied, maar begin twintigste eeuw werd het bebost om het zand tot rust te brengen. Nu is het een rustig, groen gebied waar het verleden nog in de ondergrond lijkt door te werken.
Daarna volgt de Oosterwijkweg, langs het erf en de landerijen van een boerderij. Het landschap opent zich weer, met weiden en akkers die het ritme van het buitenleven laten zien. Langzaam nader ik Zelhem.
Omdat het nog vroeg op de dag is en de benen goed aanvoelen, besluit ik niet te stoppen. In plaats daarvan loop ik door, met Braamt als volgend doel. Het is zo’n moment waarop de route je als het ware uitnodigt om verder te gaan, om te blijven bewegen zolang het kan.


















